In de kou

Ervaringen van conducteurs, machinisten, buschauffeurs; Alle verhalen en bijdragen van OV-personeel bij elkaar.

In de kou

Berichtdoor OVE Redactie » Ma 16 Jan 2017 11:05

In de kou

Begin december ben ik op vakantie geweest en daarbij heb ik mijn enkel verstuikt, met een behoorlijke bult als gevolg. Een bezoekje aan de huisartsenpost leverde op dat ik daar ergens tussen de 6 tot 12 weken last van zal hebben. Ik kan mijn werk wel doen, maar ik moet het wel rustig aan doen. Zo zijn dubbeldekkers momenteel niet mijn favoriet met al die trapjes die ik op en af moet lopen, dus ben ik wat minder in dubbeldekkers te vinden dan normaal.

Er staat een Intercity van Groningen naar Den Haag op mijn dienstkaartje. Het gaat om een dubbeldekker van het type VIRM en ik laat mijn controlerondes afhangen van de al dan niet aanwezige pijn in mijn enkel. De ene dag is dat erger dan de andere en vandaag is zo’n dag dat ik hem goed voel. Ik besluit de trein dan ook maar één keer te controleren en wel ergens halverwege de reis van ruim twee uur. We vertrekken keurig op tijd uit Groningen en ik neem plaats in de achterste cabine. Wanneer we door Haren rijden komt er een verstoringsbericht binnen op mijn Railpocket: Er is een verstoring tussen Assen en Beilen. Het blijkt om een gestrande trein te zijn. Ik licht de machinist daar alvast over in. Die neemt de informatie dankbaar in ontvangst en meldt dat we ondertussen voor een rood sein staan, maar dat de treindienstleider niet opneemt. Die zal vast druk in de weer zijn met die gestrande trein. Even later rijden we alsnog verder.

Afbeelding

Om net voor Assen weer voor een rood sein te komen staan. De informatie is ondertussen gewijzigd in een aanrijding. Ik licht de reizigers daarover in via de omroep. De machinist laat kort daarop weten wederom aan de telefoon te hangen, maar nog geen gehoor te krijgen bij de treindienstleider. Even later heeft hij die wel gesproken en deelt hij iedereen mee dat er een boom op het spoor ligt en we Assen nog niet binnen kunnen komen omdat daar nog een trein op ons spoor staat. Zodra die eenmaal terug is gestuurd naar Groningen kunnen wij Assen binnen komen. Na aankomst roep ik wederom om dat er in verband met een aanrijding momenteel geen treinverkeer mogelijk is richting Beilen en dat ook nog niet bekend is waar wij naar toe gaan; misschien verder richting Zwolle, mogelijk terug naar Groningen.

Het is koud op het perron en de reizigers die er staan komen naar me toe om te vragen waar wij naartoe gaan. Ik zeg ze dat ik dat nog niet weet en dat ze het beste binnen kunnen gaan zitten in de warme trein. Daarnaast beloof ik ze te vertellen waar we naartoe gaan voor we vertrekken. Dan komt ook aan de overzijde van het perron de Sprinter uit Groningen binnen. Mijn collega Hans zit op die trein en hij komt mij vragen of wij verder gaan. Ik weet nog van niets, maar hij krijgt een nieuw dienstkaartje toegestuurd waar in staat dat hij in Assen moet blijven met zijn trein om een half uur later alsnog richting Zwolle te gaan. Er gloort hoop aan de horizon, zullen we maar zeggen. Terwijl zowel hij als ik reizigers te woord staan, roept mijn machinist me via de portofoon op.
“HC, we mogen zo meteen verder, maar met een aanwijzing om te schouwen, dus ik wil graag dat je naar voren komt.”
Dat zijn goede berichten; ik licht via de portofoon mijn collega Hans in, die vervolgens in zijn eigen trein omroept dat reizigers naar Zwolle op mijn trein kunnen overstappen. Ik roep in mijn trein om dat we als Intercity naar Zwolle gaan en een aantal reizigers steekt het perron over. Wanneer ik aan de voorkant van de trein ben krijgen we groen sein om te vertrekken. Met ruim vijfentwintig minuten vertraging rollen we Assen uit.

Het is compleet donker buiten. De drie frontseinen van onze trein verlichten het spoor nauwelijks, daarom heeft de machinist me gevraagd om bij hem te komen. De opdracht is om het spoor te schouwen: Kijken of er niks mis is. Met een snelheid van maximaal 40 kilometer per uur moeten we het spoor nauwkeurig nakijken om te zien of er geen gevaar is en als dat wel zo is, moet de trein meteen stil gezet worden en het gevaar gemeld worden. Wanneer we op de juiste locatie zijn, schijn ik met een extra zaklantaarn naar buiten. Het personeel van de trein die in eerste instantie de boom heeft aangereden heeft echter goed werk geleverd; er is helemaal niks meer van te zien en er zijn ook geen brokstukken meer te vinden. Het valt allemaal mee en we kunnen op normale snelheid onze weg naar Zwolle vervolgen.

We hebben inmiddels een half uur vertraging en ik verwacht dan ook dat we niet verder zullen gaan dan Zwolle. Ik bel met de Bijsturing om te vragen wat precies de bedoeling is en tot mijn verwondering krijg ik te horen dat we gewoon door zullen gaan naar Den Haag. Het treinstel blijkt daar nodig te zijn en dus gaan we gewoon door. De bijstuurder ziet echter wel dat ik in Den Haag mijn schaft heb van zesendertig minuten en dat daar op deze manier bijzonder weinig van overblijft. In principe vind ik dat niet zo’n probleem, want het is een vrij korte dienst en voor een keer kan ik ook wel zonder, maar ik meld wel dat ik in Den Haag eerst naar het toilet ga en even iets te drinken ga halen. Ik krijg te horen dat hij wel even wat rond gaat bellen. Drie minuten later ontvang ik een nieuw dienstkaartje: Ik mag in Leiden van de trein af en daar mijn schaft houden.

Wanneer we in Zwolle aankomen, vertrekt aan de overzijde van het perron net de trein naar Den Haag Centraal van een half uur later. Die neemt zodoende het merendeel van mijn reizigers mee, waardoor mijn trein lekker rustig is. Ik maak een controleronde door de trein en ik hoor geen overtogen woord van de reizigers die een half uur vertraging hebben. Ik heb eerder leuke gesprekjes met de verschillende reizigers, die ook wel begrijpen dat er aan zo’n situatie weinig te doen valt.
“Nouja, wij waren dus al aan het rekenen hoeveel langer we er over zouden doen als we wel terug zouden gaan naar Groningen, dan naar Leeuwarden en van daaruit naar Sassenheim,” aldus een wat oudere reizigster. Ze is in goed gezelschap van een vriendin, samen hebben ze het hartstikke naar hun zin.
We hobbelen de hele weg achter onze voorganger aan en daardoor halen we geen vertraging in. Ook daarvan heb ik de reizigers via de omroep op de hoogte gebracht. In Almere stapt het nodige over op de trein naar Amsterdam, in Amsterdam Zuid gaat er een behoorlijke groep reizigers uit (“Bedankt en fijne avond, conducteur!”) en op Schiphol roep ik speciaal voor de twee dames naar Sassenheim nog even om dat hun aansluitende Sprinter in dit geval van spoor 4 vertrekt. In Leiden draag ik de trein, met inmiddels 33 minuten vertraging, over aan een conductrice die de trein verder mee neemt naar Den Haag.

Het is winter en buiten is het op sommige momenten vies koud. Het is nog steeds kerstvakantie en gelukkig lekker rustig in de trein. De Sprinter van Zwolle naar Utrecht staat op het programma. Net na vertrek krijg ik de melding dat de automaten in zowel Harderwijk als Ermelo defect zijn. Daar is iets mee gebeurd, want dat was de dag ervoor ook al. Ik vermoed vandalisme en een nieuwe automaat is natuurlijk niet binnen een paar uur vervangen.

Wanneer ik in Harderwijk aankom, komt er een man naar me toegelopen. Hij spreekt redelijk Nederlands, ondanks dat hij niet van Nederlandse origine is, en legt me uit dat hij geen kaartje heeft kunnen kopen omdat de automaat het niet deed. Ik vraag hem waar hij naartoe moet en vertel hem ik dat een kaartje voor hem ga schrijven om naar Breda te komen. Ook dat is een Uitstel van Betaling, inclusief een boete van 50 euro. Maar omdat de man zich netjes vooraf meldt, en omdat het bekend is dat de automaat het niet doet, zal hij een acceptgiro thuis gestuurd krijgen voor de normale ritprijs. Ook wanneer het niet intern bekend is dat de automaat het niet doet, kan dat nagezocht worden in de systemen en wanneer de automaat daadwerkelijk niet heeft gewerkt zal de reiziger geen boete hoeven te betalen.
Nadat ik de man zijn kaartje heb gegeven en heb uitgelegd hoe het werkt, ga ik verder. We zijn ondertussen in Ermelo en ik zie twee personen op het perron naar me zoeken. Ze stappen in en we vertrekken. Ik sta midden in de coupé wanneer de twee bij me komen. Ook zij melden zich netjes en mevrouw krijgt ook een Uitstel van Betaling in de vorm van een retour Amsterdam, meneer heeft een OV-Chipkaart en had zich ingecheckt.
Iets verderop in de trein zitten twee kinderen. Een beetje bangig kijken ze me aan en leggen uit dat de automaat het niet deed. De onzekerheid straalt er vanaf en ik vind het wel schattig. Ik leg ze uit hoe het werkt en maak ook voor hen een Uitstel. Ik vraag ze wel of ze zich de volgende keer even bij me willen melden voor vertrek. Ze beloven plechtig dat ze dat zullen doen.

Het valt me echter op dat het wel erg koud is in de trein. Nadat ik de twee kinderen heb uitgelegd hoe het in elkaar steekt, kom ik op het balkon waar de aansturing van de verwarming zit. Op de een of andere manier staat die uit. Snel zet ik hem aan en ik zie dat het systeem reageert. Een rijtuig verder exact hetzelfde verhaal; ook daar staat de verwarming uit. Nadat ik die heb aangezet ga ik verder en wanneer we in Amersfoort zijn heb ik aan zes mensen een Uitstel gegeven omdat de automaat het niet deed.

In Utrecht ga ik weer terug met dezelfde trein. Ik heb al contact gehad met onze materieelcentrale om te vragen of er iets bekend was over de verwarming in de trein. Daarover kan de collega zo snel niks terug vinden, wel dat de trein de afgelopen nacht uit onderhoud is gekomen. Misschien dat daar de verwarming met een reden is uitgezet, maar dat iemand vergeten is om die weer in te schakelen. In overleg houd ik de verwarming in de gaten, maar het duurt natuurlijk even om een compleet rijtuig op te warmen. Tegen de tijd dat we weer in Amersfoort zijn ben ik echter nog niet bepaald onder de indruk van de warmte. Daar draag ik de trein over aan een collega, inclusief de melding van de verwarming. Kort voor vertrek uit Utrecht heb ik de reizigers gemeld dat de verwarming uit heeft gestaan en dat als ze het koud hadden ze naar voren of naar achteren konden, naar een rijtuig waar het wel warm was. Kort voor aankomst in Amersfoort heb ik dat nogmaals gedaan. Vreemd genoeg vinden mensen het kennelijk wel prima, want er zaten toch nog best wel wat reizigers. Mijn collega zal het na vertrek uit Amersfoort nogmaals omroepen en ook de verwarming in de gaten houden. Wanneer die het in Zwolle nog altijd niet doet, zal de trein aan de kant genomen worden en er een vervangend treinstel worden ingezet. Ik ben echter blij dat ik van het stel af ben; het leek buiten wel warmer dan binnen...

In de categorie leugens heb ik er ook nog wel eentje: Met een Intercity ben ik onderweg tussen Dordrecht en Roosendaal. Daar tref ik een jongen die aangeeft geen kaartje te hebben. Dan maak ik er eentje voor je. Hij heeft niets bij zich waar zijn gegevens op staan, maar hij vertelt me het een en ander wat ik verifieer en het klopt zowaar. Ik vraag hem waar hij is ingestapt.
“Twee haltes terug.”
Dan begin ik standaard een stationsnaam te noemen van minstens vijf stops terug. En inderdaad, hij knikt als ik Den Haag zeg. Ik vraag hem waar hij naar toe wil.
“Roosendaal.”
Prima. Ik schrijf hem een kaartje en ik ga weer verder.

In Roosendaal aangekomen heb ik twintig minuten voordat ik de trein naar Zwolle mag brengen. Na een toiletbezoek en mijn watervoorraad weer aangevuld te hebben vertrek ik richting Zwolle. Ik begin meteen met controleren en tref... dezelfde jongen. Hij geeft me het verfrommelde uitstel dat ik een half uur eerder voor hem heb geschreven en ik vraag hem waar dat hij nu eigenlijk naar toe gaat.
“Etten.”
Ik vouw het uitstel open en laat hem zien dat daar Roosendaal op staat.
“Maar ik heb tegen die conducteur gezegd dat ik naar Etten moet!”
Hij herkent me dus niet. Als ik hem vertel dat er Roosendaal op staat en dat dat komt omdat is wat hij gezegd heeft, herhaalt hij:
“Maar ik heb tegen hem gezegd...”
Nee, dat heb je niet. Je hebt tegen me gezegd dat je naar Roosendaal wilde, daarom heb ik een kaartje voor je gemaakt naar Roosendaal. Even heeft hij een blik van herkenning in zijn ogen. Ik meld hem dat ik nu dus een nieuw kaartje naar Etten-Leur voor hem ga maken. Hij ziet zijn fout in en begint hoofdschuddend te lachen. Ook deze keer heeft hij geen verklaring. Jammer, joh!

Conducteur Mike
___________________________________________________________________________
Iedere twee weken verschijnt er een column op ons forum. Lees de eerdere columns hier. Wil je ook bijdragen als medewerker of juist als reiziger? Neem dan contact met ons op!
Gebruikers-avatar
OVE Redactie
 
Berichten: 154
Geregistreerd: Za 28 Apr 2012 16:39

Share On:

Share on Facebook Facebook Share on Twitter Twitter

Terug naar Vanaf de Werkvloer

Wie is er online?

Gebruikers in dit forum: Geen geregistreerde gebruikers en 2 gasten

lobed-depth
lobed-depth
lobed-depth
lobed-depth